Ontstaan

Met een beetje goede wil zou men de geschiedenis van carnavalsvereniging De Ertesjieters kunnen laten teruggaan tot midden de zestiger jaren. Van de 20ste eeuw welteverstaan. Toen immers trok kon.fanfare De Vriendenkring met carnaval op een wagen door het dorp. Een aantal muzikanten in carnavalskostuums. Later zouden zij door het leven gaan als "De Ertesjieterskapel". Ze speelden vanop een wagen carnavalsmuziek terwijl het bestuur naast de wagen liep met collectezakken. Een originele manier dus om huis aan huis te gaan bedelen op een ludieke manier. Na enkele jaren geraakte dit gebruik in onmin. Begin van de jaren 70 had jeugdhuis "Obelix" ook geld nodig en zij vonden de carnavalsperiode ideaal om bij de mensen te gaan aankloppen. Er werden enkele speciale fietsen in mekaar gestoken, een varkenshesp werd op een wagen uitgestald en huis aan huis mocht men raden naar het gewicht van de hesp. Een jaar later werden er al enkele wagens in mekaar geknutseld en was de hesp al vervangen door een héél varken. Met het ter ziele gaan van "Obelix" verdween echter ook deze carnavalsactiviteit in Kessenich. Tot de Jeugdraad in 1978 de draad opnieuw opnam. Zij nodigden een afvaardiging van elke vereniging van Kessenich uit op wat later bleek de stichtingsvergadering van de carnavalsvereniging te zijn geweest. Een Raad van Elf werd samengesteld uit vrijwilligers van de diverse Kessenichse verenigingen. Hierdoor kreeg men de unieke situatie dat er in de Raad van Elf ook een vrouw zetelde: Annie Verstraeten. Zij vertegenwoordigde immers de vrouwengilde. Gedurende 4 jaar zou zij op deze manier ervoor zorgen dat de Kessenichse carnavalsvereniging overal waar zij kwam, opzien baarde. Alsof de naam al niet genoeg opviel: "DE ERTESJIETERS"! Enige verklaring is hier wel op zijn plaats. Vroeger waren bonen de gebruikelijke groenten voor de gewone mensen terwijl erwten de groenten waren van de rijkelui. Doordat Kessenich een baron had waarbij veel mensen uit Kessenich waren tewerkgesteld, kregen ook deze gewone mensen al eens erwten voorgeschoteld. Als een vorm van jaloezie werden de Kessenichenaren dan ook al eens uitgescholden voor ertesjieters 

Eerste 11 Jaar

In het seizoen 1979 vonden reeds diverse carnavalsactiviteiten in Kessenich plaats. Onder leiding van de eerste Vorst Lei I (Christis ) had er een eerste Prinsenzitting plaats waar Marcel I tot eerste prins van Kessenich werd uitgeroepen. Ook een Prinsenbal en een carnavalsstoet werden er dat jaar al onmiddellijk georganiseerd. Door het cultureel tijdschrift van Kessenich, Ter Eiken, werd voor het eerst een carnavalsbijlage uitgegeven. Dit is de voorloper van de huidige carnavalskrant De Ertesjieter. Dat de Raad van Elf zich met geleende capes presenteerde kon de stemming niet drukken. Iedereen was enthousiast en carnaval in Kessenich was definitief gelanceerd. Het volgende jaar werd gebruikt om de structuur van de vereniging enigszins op poten te zetten. Naast Vorst Lei I werden Jaak Hawinkel als penningmeester (schatbewaarder zou hier een zéér misplaatste omschrijving geweest zijn), Rob Caris als secretaris en Jaak Verstraeten als PR-verantwoordelijke aangesteld. Tevens werd er een Prinsegarde opgericht waarin Marcel I echter voorlopig alleen en eenzaam zetelde. 


Een Raad van Elf en een Prinsengarde zonder begeleidende dansmariekes was echter een doorn in het oog voor de nieuwe verenging. Zo werden in het 2de bestaansjaar de eerste mariekes aangetrokken die als voornaamste taak hadden de optredende artiesten naar en van het podium te begeleiden en de prins bij te staan. Agnes Lamberigts en Els Verstraeten waren de uitverkorenen. Nog in 1980 bouwde men voor het eerst zélf de prinsewagen met de hulp van Fernand Moors : heel toepasselijk werd het een grote erwtepeul.Opnieuw werd er ook weer gebedeld met carnaval: Ter Eiken ging met geldzakken rond tijdens de stoet. Door kordaat in te grijpen kon men dit tot een éénmalig optreden beperken. Na dit 2de carnavalsjaar gaf Lei Christis ontslag en werd hij als vorst opgevolgd door Zjak I (Gielen). Doordat de groene zaal van de fanfare gedoemd was om te verdwijnen, werd men verplicht uit te zien naar een andere locatie. De parochiezaal was de enige mogelijkheid maar door de populariteit van carnaval was deze veel te klein. Er werd overeengekomen dat de parochiezaal zou vergroot worden ( het huidige buffet + verhoog ervoor werden bijgebouwd). De carnavalsvereniging zou de opbrengst van 3 opeenvolgende jaren afstaan als bijdrage in de verbouwing. In totaal droeg de vereniging aldus méér dan 300.000 Bef bij in deze verbouwing. Vanaf 1981 werden er ook een aantal nieuwigheden ingevoerd. Als uithangbordje van de canavalsvereniging werd gekozen voor een lachende clown die vanaf toen op briefpapier en stempels werd afgebeeld. Voor het eerst was er ook sprake van een eigen munt maar dit project werd als té duur afgevoerd. Op de prinsezitting was er voor het eerst sprake van een carnavalsburgemeester: Drei Peers was de uitverkorene. Tot op heden vervult hij nog steeds deze functie. Ook was er het eerste éigen optreden van de Raad van Elf met het zelf gezongen lied " We zeen het best team in het landj". Een consumptie kostte toen 20 Bef. Op het prinsebal zorgde DJ De Berk voor het eerst voor de animatie en na de stoet was er de eerste tractatie door de prins op gratis erwtesoep.

 
Vermits inmiddels de vernieuwde parochiezaal en de nieuwe fanfarezaal waren ingewijd, ging de Prinsezitting in 1982 voor het eerst door in dit complex. Voor de mensen die géén plaats vonden in de parochiezaal, werd de zitting op video opgenomen en gelijktijdig uitgezonden in de naastgelegen fanfarezaal. De Raad van Elf trad voor het eerst naar voor met eigen gilets op een zitting waar Piet Henkens de eerste Gouden Ert ontving (meer uitleg hierover vindt u onder de rubriek portrettengalerij). De groep dansmariekes werd uitgebreid tot 8 meisjes die, aangeleerd door ex-RvE-lid Annie Verstraeten, hun eerste optreden op de zitting verzorgden. Na dit jaar haakte Fernand Moors af als wagenbouwer. In 1983 werd voor het eerst een jeugdzitting gehouden die een formidabel succes werd. Onder leiding van Lei Christis, hiervoor teruggehaald naar de carnavalsvereniging, werd er vanaf toen werk gemaakt van een geleidelijke uitbouw van een jeugdraad binnen de vereniging. Een jeugdraad die gedurende vele jaren en tot op heden nog steeds fantastisch werk levert. Door plaatsgebrek gedwongen werden op de prinsenzitting alle jongeren beneden 15 jaar strikt geweerd, de gemeentelijsten lagen er ter controle bij. Mindervaliden en personen van de 3de leeftijd daarentegen konden hun kaarten op voorhand reserveren en kregen voorbehouden plaatsen in een uit zijn voegen barstende zaal waar Jonkheer Louis Michiels van Kessenich te gast was. Het eerste échte optreden van de Raad van Elf als ballerina’s was spraakmakend en staat tot heden als één der hoogtepunten van onze zittingen geboekt. Voor het eerst ging op carnavalsmaandagmorgen ook de jeugdprins, René I (Deben), met zijn gevolg met de foekepot van deur tot deur. De vroegere bijlage van Ter Eiken werd dit jaar ook voor het eerst uitgegeven als een échte carnavalskrant terwijl in de stoet de strijdwagen van prins Jan II door de Raad van Elf zélf werd voortgetrokken. Nooit eerder vertoond! 
Na een maandenlange voorbereiding kan de KV eindelijk de presentatie aankondigen van een eigen munt, een historisch ontwerp met een eigentijds carnavalesk tintje. Op 27.1.84 presenteert Pater Sangers op de hem eigen onnavolgbare wijze op een receptie de ERT. Vanaf dit moment kent Kessenich gedurende de ganse carnavalsperiode nog slechts één gangbare munt. Een Ert kost 20 Bef en zal in de toekomst enkel in waarde stijgen. Gelijktijdig worden er ook 500 genummerde muntstukken van 11 Ert uitgegeven die gretig afnemers vinden bij verzamelaars. Zelfs het Europees Genootschap voor Munten en Penningen bestelt 246 x 1 Ert, 119 x 11 Ert en 38 genummerde Erten. 
Als bekroning van dit Ertejaar schittert Karel I (Haeldermans) op een wagen die met ruim 120.000 papieren rozen is omgetoverd tot een Ertewagen. Toch ook vermelden dat vanaf deze editie de Ertesjieter, onder deze naam is de carnavalskrant inmiddels beroemd en berucht geworden, huis aan huis wordt verdeeld in de gehele fusie Kinrooi. 
In 1985 doet de carnavalsvereniging aan missioneringwerk: er wordt een zeer actieve rol gespeeld bij het opstarten van de Molenbeerselse carnavalsvereniging "DE GAAPLEPELS". Niet alleen met raad en daad, maar ook materieel wordt er flink bijgesprongen waardoor er een stevige vriendschapsband ontstaat tussen beide verenigingen. In dit zevende carnavalsjaar wordt er ook aangesloten bij F.E.N. = Federatie Europese Narren, een federatie die voornamelijk actief is in België, Nederland en Duitsland. 


Voor het eerst wordt er ook een prinsenreceptie gehouden die plaats heeft in de Borg. Dat dit gebeurde daags na de prinsezitting was aan veel aanwezigen duidelijk te zien. Na de carnavalsstoet was er ook voor het eerst gratis vervoer van café naar café: het toeristisch treintje, de Saejeleer maakte van19u tot 02 u onafgebroken de ronde van de cafés. Dit werd een groot succes, mede door het feit dat er toen nog enkele cafés méér waren in Kessenich dan nu. 
In 1986 wordt de Raad van Elf helemaal in het nieuw gezet, er worden zwarte smokings aangemeten met een groene kraag. Alhoewel elk lid de helft van de kosten moet dragen, wordt er beslist dat deze smokings toch eigendom zijn van de vereniging en bij afhaken dan ook terug ingeleverd moeten worden. Inmiddels zijn er zoveel dansmariekes bijgekomen dat ze onderverdeeld moeten worden in 3 groepen volgens leeftijd. Voor het opleiden en aanleren van dansen wordt er voor het eerst beroep gedaan op Mariet Noukens. Een goede keuze blijkt want de drie groepen boeken veel succes met optredens op de zittingen en hun deelname in de stoet. Tot op heden is Mariet nog steeds instructrice van de dansmariekes. Alhoewel ze officieel géén lid is van de carnavalsvereniging, hoort ze inmiddels wel zo’n beetje bij het meubilair! 


In 1987 probeerden we weer eens iets nieuws: "een carnavalsbeurs" waar attributen te koop en te huur werden aangeboden. Het waren voornamelijk spullen van de Ertesjieters zélf die te bezichtigen waren. Doch kooplustigen lieten het afweten zodat de voornaamste inkomsten kwamen van het buffet. En daar werd dan meestal ook nog zelf voor gezorgd. Méér succes daarentegen had de sticker KSG die te koop werd aangeboden. Binnen enkele weken reed zo’n 70% van alle auto’s in Kessenich met dit versiersel rond. Dit initiatief ontlokte veel reacties, tot in Duitsland toe. Een pientere pompbediende vroeg aan Ertesjieters die op weg waren naar de skigebieden om uitleg over die KSG, vermits hij diezelfde dag al meerdere wagens met deze sticker had opgemerkt. Ter afsluiting van het carnavalsseizoen heeft er ook een spraakmakend etentje plaats van de prinsegarde. 
In 1988 slaat paniek toe: de bodem van de kas is niet alleen in zicht, er blijkt zelfs al een flink gat in te zitten. We moeten dus bezuinigen. Hiertoe wordt er een groot besparingsplan uitgewerkt waardoor de financiën op enkele jaren weer helemaal gezond moeten worden. Het was drastisch, maar het werkte. Na 3 jaar werd alweer een mooie reserve aangelegd. Ondanks de financiële problemen werd toch de kans gezien om een eigen muziekcassette op de markt te brengen. ( zie rubriek muziek). Zowel Maasgalmkapel, Ertesjieterskapel als Jefkes gaven een goede indicatie wat Kessenich op het gebied van carnavalsmuziek te bieden had. De verkoop van deze cassette liep zo goed dat we al snel helemaal uit de kosten waren en de penningmeester weer gerust kon slapen. 
Om het plaatsgebrek tijdens de zittingen enigszins te verhelpen, maakten we ook zelf 25 extra smalle tafels zodat we een ganse rij extra, zijnde +/- 50 personen, konden plaatsen. Men zat dan wel met de knieën tegen mekaar maar dat kon blijkbaar de pret niet drukken, integendeel! Voor het eerst werd de presentatie van de zitting door Ivo Vandeninden overgenomen van Vorst Zjac I 


In 1989 vieren de Ertesjieters hun eerste carnavalslustrum: 11 jaar! Dit gebeurt met een receptie op 11.11.88 waar ook de zilveren Ert wordt gepresenteerd. Het betreft hier opnieuw een gelimiteerde oplage van dit keer zilveren munten van 11 ERTEN die, inclusief een luxe etui, verkocht worden aan 750 Bef. Naast een brochure met de eigen Kessenichse carnavalsschlagers, allemaal van de hand van componist/dirigent/musicus Pierre Rutten (zie rubriek muziek), wordt er een eigen herinneringsmedaille geslagen. Hierop natuurlijk ons uithangbordje, de lachende clown. Ook de prinsenketting wordt samengesteld uit deze medailles, hetgeen voor een behoorlijk zwaar ornament zorgt. Gelukkig was hiermee bij de prinskeuze rekening gehouden en had men met Jan III (Verstraeten) een stevige boy als 11de prins van de Vrijheerlijkheid Kessenich.

Tweede 11 Jaar

n 1990 worden de dansmariekes allemaal in het nieuw gezet. Josée Keyers en Tilly Parren maken eigenhandig meer dan 20 prachtige groen/witte kostuums. Als het carnavalsmuseum in Thorn van start gaat, leveren de Ertesjieters hieraan een flinke bijdrage door heel wat attributen die typisch zijn voor Kessenich, tentoon te stellen (o.m. medailles, carnavalskrant, steek, cassette, Erten, sticker enz…). Voor het eerst wordt er ook een poging gedaan om de stoet in te korten. Men vertrekt nog wel van op de Breeërsteenweg , maar nu rechtstreeks naar het kruispunt Venlosesteenweg, dus zónder ommetje door de Hees. Alhoewel ontvangen als een superidee, wordt dit besluit een jaar later weer ongedaan gemaakt omdat er te veel klachten op zouden zijn gekomen. Het zal nog tien jaar duren voordat men de voordelen van deze parcourswijziging naar waarde weet te schatten en ze opnieuw invoert. 
In 1991 neemt Wiel Haemers het secretariaat over van Rob Caris. Een Ert kost nu 30 Bef, al heeft dat natuurlijk niks te maken met het voorgaande. Naar een ontwerp van Mathieu Hamaekers en na een werkbezoek aan de wagenbouwers van Roozendaal, besluit de carnavalsvereniging een eigen jeugdwagen uit polyester te gaan bouwen. Het wordt een snoepwagen … om van te snoepen! Deze wagen zou meerdere keren in onze stoet gebruikt worden en bovendien een tiental keren verhuurd worden. Een massa werk was erin gestopt maar dat bleek dan ook een gevoelsmatige en financieel lonende investering te zijn geweest. 


Aan het eind van het carnavalsseizoen neemt Vorst Zjac I zoals gepland, na 11 jaar, ontslag. Vanaf 1992 wordt hij opgevolgd door Vorst Lei I ( voor de tweede keer dus vorst, moest dat dan soms Lei II zijn?). Binnen de Raad van Elf is men blijkbaar aan vers bloed toe want in de volgende jaren nemen meerdere leden ontslag, waaronder in 1994 ook Lei I of II die wordt opgevolgd door Ivo I (Vandeninden). De dip is dan ook als de Raad van Elf zich op de zitting van 1995 presenteert met slechts 9 leden. De hervorming is dan al in volle gang met o.a. Wim Rutten als nieuwe secretaris in de plaats van Wiel Haemers en Johan Gielen als verantwoordelijke voor de jeugdzitting, in opvolging van Jo Vandeninden. 
De jeugdraad floreert als nooit tevoren hetgeen het beste laat verhopen voor de toekomst. Voor het eerst gaat de prinsenzitting door in de sporthal. Dit biedt nieuwe mogelijkheden. Voortaan kan iedereen in voorverkoop inkomkaarten en verzekerd zijn van een goede zitplaats, hetgeen ook goed te merken is aan de massale opkomst. Op een sprankelende zitting in een feestelijk ingerichte sporthal, waarvoor kosten noch moeite werden gespaard, kreeg de Ertesjieterskapel nieuwe vesten aangeboden van de carnavalsvereniging. 


De verhuis naar de sporthal brengt echter directe investeringen mee die slechts over meerdere jaren renderen. Bovendien valt het wéér met de stoet enkele jaren na mekaar gruwelijk tegen hetgeen duizenden toeschouwers scheelt. Dus … bezuinigen! Maar wat al eerder kon, kan ook nu weer. De financiën worden geleidelijk weer gezond gemaakt en de Raad van Elf krijgt weer een volledige bezetting. Als in 1997 de carnavalsvereniging wordt omgevormd in een VZW ( niet omdat er geen winsten zouden zijn maar omdat dit inzake aansprakelijkheid noodzakelijk is ), ziet de toekomst van de Ertesjieters er weer rooskleurig uit. Vanaf 1997 komt er ook een jaarlijks wisselend prinsekot.Opnieuw gaat het weer crescendo met de ertesjieters hetgeen bekroond wordt met de feestelijkheden bij het 22-jarig bestaan. 
2000 is niet alleen het Millenniumjaar, maar tevens een lustrumjaar voor de carnavalsvereniging. In een tent aan de grens wordt er in het weekend van 11.11 drie dagen lang gefeest en gevierd. Bij deze gelegenheid wordt er een CD uitgebracht, gespeeld en gezongen door Con Amor, met daarop de Kèsingse teksten " Ich bèn ei kwoajungske" en "Kèsinger mègdje" (te downloaden op de rubriek muziek). Bekroning van de feestelijkheden is de onthulling van een eigen carnavalsmonument: een bronzen Ertesjieter, ‘n prachtig en véélzeggend kunstwerk. (zie onze welkomspagina) De carnavalsvereniging De Ertesjieters is meteen weer gewapend om met volle moed te beginnen aan hun volgende periode van bloei, op naar een volgend lustrum! 

Derde 11 Jaar

Op het einde van het jaar 1999 krijgt de hoofdredacteur van de carnavalskrant Jan Lamberigts het lumineuze idee om via het internet bepaalde ideeën, voor "DE ERTESJIETER" los te weken. Door het vele werk dat de viering van het tweede lustrum met zich meegebracht heeft werd dit idee één jaartje uitgesteld. Op het einde van het jaar 2000 wordt het idee toch van onder het stof gehaald. Jan scharrelt zich een kleine groep geïnteresseerden bij elkaar en een eerste vergadering wordt belegd. Vier mensen waaronder Jan zelf, Dirk Schiettekatte, Karel en Ruud Hawinkel besluiten zich niet te beperken tot de carnavalskrant, maar een heuse Web-site te bouwen waarin de hele carnavalsvereniging toegelicht en voorgesteld wordt. Op deze eerste vergadering werden ook meteen de taken verdeeld. Enkele losse medewerkers worden nog gevraagd om enkele teksten te verzorgen: De officiële voorstelling gebeurde op 27/12/00 en het resultaat bent u nu aan het bewonderen.